100 - 50 jaar OKG

Een halve eeuw Oudheidkundige Kring ‘Geertruydenberghe’

Op 12 november 2024 vierde de Oudheidkundige Kring ‘Geertruydenberghe’ (OKG) in de passende omgeving van Fort Sint Gertrudis het 50-jarig bestaan. Circa 125 leden en speciale gasten, waaronder de voormalige burgemeesters van de gemeente Geertruidenberg: de 102 jaar oude Arie den Hartog, burgemeester van 1978-1988, Kees Leijten, van 1988-1993 en Matthieu Meijer van 2000-2012. Uit handen van huidig burgemeester Marian Witte ontving de vereniging met ‘hart voor historie’ de Koninklijke Erepenning in zilver, waarna Henk Hellegers, voorzitter van de stichting Brabant Heem, de vereniging een fraai jubileumbord overhandigde. Een ander hoogtepunt was de lezing van Wim Daniëls die vertelde over ‘dorpen van vroeger en nu.’ Voor die lezing vond op het grote podium een bijzonder gesprek plaats tussen de in Aarle-Rixel geboren Daniëls en erevoorzitter en een van de oprichters van de OKG Bas Zijlmans.

Van oudheidskamer naar museum

Een groep gelijkgestemden, die zich inzette voor het behoud en de bevordering van het cultuurhistorisch leven in Geertruidenberg, hield in de jaren 70 van de vorige eeuw wekelijks een bijeenkomst. Die vonden plaats in het aan de historische Markt gevestigde antiquariaat van Hans Schreuders. In een walm van sigarenrook spraken diverse initiatiefnemers, waaronder de op 23 februari 2025 overleden Cor Heesters en de tot stadshistoricus uitgegroeide Bas Zijlmans, over de oprichting van een historische vereniging. Die wens kreeg op 12 november 1974 gestalte met de oprichting van de ‘Oudheidkundige Kring ‘Geertruydenberghe’. Voorzitter werd luitenant-kolonel der Genie b.d. Koos van der Houwen; het bestuur bestond verder uit secretaris Bas Zijlmans, penningmeester Michel Sandbergen en de leden Cor Heesters en Cor Langenberg. De OKG startte met zestien leden en streefde vanaf het begin naar de oprichting van een gemeentelijk oudheidkamer. Dat plan was al in 1931 ter sprake gekomen. In dat jaar werd namelijk op initiatief van de Bergse onderwijzer en amateurhistoricus J.H. Busch een comité opgericht met de veelzeggende naam Oudheidkundig Genootschap ‘Geertruidenberg’. Het genootschap stelde als doel: ‘de historie van onze stad te bestuderen, alles wat op de historie ervan betrekking heeft bijeen te brengen en dit trachten te populariseren en wel door het oprichten en in stand houden van een museum’. Het bestuur sprak de wens uit dat de gemeente pand ‘De Roos’ aan de Markt 46 daarvoor beschikbaar zou stellen. In een vergadering van 21 mei 1931 besloot de gemeenteraad het pand te bestemmen voor museum, maar wilde daarvoor zelf geen gelden beschikbaar stellen. Na talloze pogingen vond op 24 augustus 1946 in het pand eindelijk de officiële opening plaats van de Stedelijke Oudheidkamer. Na het overlijden van voorzitter en drijvende kracht Wouter Mulder in 1962 ging het snel bergafwaarts en werd later de ruimten door de gemeente zelfs verhuurd aan bedrijven. Dat was voor velen een doorn in het oog en kort na de oprichting van de OKG werd een commissie in het leven geroepen omdat het tegenstrijdig was met de schenkingsvoorwaarden, gesteld door voormalig eigenaar Godefridus de Bruijn. Met succes, want op 10 juli 1981 vond de officiële opening plaats van de Stichting Stedelijke Oudheidkamer Geertruidenberg met als bestuursleden onder meer Cor Heesters en Bas Zijlmans. Na een ingrijpende verbouwing in de jaren 2000-2002 werd op 11 juli 2003 de Stichting Museum De Roos officieel geregistreerd. Zonder het initiatief van de OKG in 1974 had Geertruidenberg hoogstwaarschijnlijk geen ‘stadsmuseum’ gehad.  

Van Schattelijn naar Oude Wacht

Het bestuur 2004: v.l.n.r.: Len Kooiman, Jack Thijssen, Bas Zijlmans, Joke Seraris-verboord, Jan van Gils, Cor Prinsen, Jeanne Simmerink-Dupont, Cor Heesters, Martin Robbe

Vele jaren na de oprichting ontbeerde de OKG eigen huisvesting en werd er gebruik gemaakt van locaties als De Zalmsteek, Stadsherberg Mauritshof of De Veste. Met het vestigen van de Oudheidkamer in pand ‘De Roos’ vond de vereniging hier onderdak voor het houden van vergaderingen en voor de opslag en beheer van de boekencollectie. Zo’n 23 jaar na de oprichting beschikte de OKG eindelijk over eigen huisvesting in het Cultureel Centrum De Schattelijn, waar de gemeente de twee verdiepingen van de voormalige officierswoning plus de zolder beschikbaar stelde. Het Rijksmonument mag voor een historische kring absoluut een passende omgeving worden genoemd. Bierbrouwer Thomas Schattelijn kocht het uit drie panden bestaande complex in 1776 en trok de voorgevel vervolgens op in Franse stijl. In 1833 werd De Schattelijn verkocht aan het Rijk. Eerst werd er een militair hospitaal in gevestigd, waarna het later een kazerne werd. Tot de 20e eeuw stond het gebouw bekend als de Havenkazerne. Tijdens het interbellum, de periode tussen de twee wereldoorlogen, werd het Jeugdherberg Onder Sint Geerten en tijdens de Tweede Wereldoorlog diende het als schuilkelder. Na de oorlog was er eerst een belastingkantoor en daarna tot 1962 een ambachtsschool in gevestigd. In de jaren 80 werd het gebouw gerestaureerd en werd het cultureel centrum De Schattelijn. Vanwege de verkoop van het complex aan de familie Simonis, die eerder het voormalige stadhuis aan de Markt ombouwde tot een stadshotel, moest de OKG op zoek naar een ander locatie. Met dank aan de gemeente werd dat gevonden in een ander Rijksmonument: De Oude Wacht uit 1836. Na de onafhankelijkheid van België werd Geertruidenberg vanaf 1830 opnieuw belangrijk voor de grensverdediging. Tussen 1834 en 1837 vond herstel van de vestingwerken plaats; nu van acht in plaats van tien bastions en de bouw van een nieuw Kruithuis in het Staatenbolwerk én De Oude Wacht. Het wachthuis kwam op de plaats van de voormalige Dordrechtse Poort, ook wel de Waterpoort genoemd. Het diende jarenlang als onderkomen voor de militairen die het in- en uitgaande verkeer van een van de twee voormalige invalswegen waarlangs de vestingstad bereikbaar was, moesten controleren. Sinds 1 oktober 2024 is het Rijksmonument het onderkomen van de OKG. 

Hart voor Historie

De opgraving aan het Wilhelminaplantsoen in 2022

Vanaf augustus 1975 verscheen 50 jaar lang de tweemaandelijkse uitgave van De Dongebode; er verschenen bijna 500 veelal wetenschappelijk verantwoorde artikelen, geschreven door 184 verschillende auteurs. Vanaf dit jaar is de uitgave vervangen door het kleurrijke magazine DesTijds. In samenwerking met de Rijksdienst voor Oudheidkundig Bodemonderzoek (ROB) zijn door een OKG-werkgroep in de gemeente tal van bodemonderzoeken verricht. Spraakmakende voorbeelden daarvan zijn onder andere in de Lambertuskerk, in tuinen en kelders van woningen in de voormalige vestingstad. Landelijk nieuws werd de opgraving aan het Wilhelminaplantsoen, waar resten werden blootgelegd van het door Willem van Duivenvoorde in de periode 1325-1325 gebouwde kasteel. Van een stuk kasteelmuur is in 2022 een bovengrondse reconstructie gebouwd. Sinds het ‘Verdrag van Malta’ mag de werkgroep geen zelfstandig bodemonderzoek meer verrichten; met de gemeente is wel afgesproken dat de werkgroep betrokken blijft bij bodemonderzoeken in de gemeente. De OKG heeft inmiddels zo’n 330 lezingen georganiseerd die voor iedereen gratis bij te wonen zijn. Die vinden sinds 2021 zes keer per jaar plaats in het aan de Venestraat gevestigde Gertrudisstaete en worden aangekondigd in o.a. De Langstraat. In dit weekblad staan, onder het OKG-logo, ook regelmatig toegankelijke verhalen over de geschiedenis van de drie kernen van de gemeente Geertruidenberg. Alle verhalen zijn onder het kopje ‘artikelen’ te vinden op de website van de OKG. Vanaf de oprichting verzorgt de vereniging dagexcursies naar historisch interessante plaatsen in Nederland en Vlaanderen, waarbij een vast onderdeel een rondleiding met lokale gidsen is. In locaties als de Geertruidskerk in de voormalige bibliotheek in De Schattelijn werd jaarlijks een expositie gehouden over onder meer De Langstraatspoorlijn, Archeologie, 600 jaar Biesbosch en de Zuiderwaterlinie. De Oudheidkundige Kring ‘Geertruydenberghe’ is al 50 jaar lang een vereniging die met enthousiasme en passie het verleden bewaakt en de belangstelling voor de geschiedenis van onze woonomgeving promoot en dat al een halve eeuw doet onder het motto: ‘met hart voor historie’.   

Tekst: Jan Hoek

© 2020 Oudheidkundige Kring Geertruydenberghe
Locatie 9 Websitebouw